scriptie
     
 

Alle scripties zijn geschreven onder mijn verantwoordelijkheid, tenzij anders aangegeven (2e begeleider). Het betreft in de meeste gevallen een afstudeerscriptie in het kader van het doctoraal- of masterexamen voor de opleiding Pedagogische Wetenschappen aan de Radboud Universiteit (voorheen Katholieke Universiteit Nijmegen). Indien het een scriptie betreft die deel uitmaakte van een programma van een andere universiteit wordt dit aangegeven.

Complex systems approaches

Berendsen, L. (2015). Samenwerkend leren en interpersoonlijke synchronie. De relatie tussen interpersoonlijke synchronie en prestatie en de invloed van de sociale positie in de klas (2e begeleider).

Podesta, L. (2014). Consequences of alternative sensory processing for inhibition and stress in young adults with ASD: A dynamic system’s perspective (2e begeleider).

Clappers, S. (2014). Het effect van het vergroten van synchronie op de cliënt-therapeut relatie (2e begeleider).

 

Kuipers, M. (2014). Longitudinale case studie naar ontwikkeling van sociale wederkerigheid vanuit een dynamisch systeemperspectief (2e begeleider).

 

Dikhoff, S. (2014). Case studie van cliënt-begeleider interactie. Ontstaan van een gezamenlijk bewegingstempo en het belang van de waarneming van de ander in de relatie (2e begeleider).

 

Verwoolde, E.A. (2014). Spelend leren aan elkaar, de kracht van de beurt. Het effect van begeleiding met Emerging Body Language in groepsverband op het ontwikkelen van de beurtwisseling (2e begeleider).

 

Voermans, I.P.J. (2013). Differences between strong and weak readers on response times, accuracy, and complexity measures: An explorative study (2e begeleider).

 

van den Hurk, M. (2013). Socioritme. Een onderzoek naar de samenhang tussen het vermogen tot synchronisatie
en de kwaliteit van inter-persoonlijke relaties (2e begeleider).

 

Radstaak, B. (2012). Fighting AN. A non-linear case-exploration of a client-therapist text message interaction.

 

Yahyaoui, A. (2011). Effect of embodied training on the balance-scale task: Recurrence Quantification Analysis of postural fluctuations in primary school children. Psychologie, Radboud Universiteit Nijmegen.

van Veen-Graafstal, S. (2011). A multiple case study of the effect on Emerging Body Language. A pioneering study of a promising treatment for children with below-average cognitive capacities and behavioral problems.

Greijn, L.T. (2011). Why dyslexia appears as it does: The view of interaction dominant dynamics on the cognitive deficit of dyslexia.

Rauh, L. (2011). Uitnodigen tot contact, Hoe doe je dat?

Vink, R. (2011). Word naming and the effects of repetition and language on noise patterns.

Wijnants, M. (2007). The emergence of task complexity and 1/f scaling: A study of motor coördination. Masterscriptie Psychologie, Universiteit van Maastricht

Emerging Body Language

Jonge, M. de (2015). Longitudinale casestudie naar het effect van onderscheid op een continuŁm van synchronie in een cliënt-therapeut relatie (2e begeleider).

Boss, S.L. (2015). Longitudinale case-study naar het effect van het vergroten van wederkerigheid in een cliënt-behandelaar relatie door inzet van synchronie en onderscheid (2e begeleider).

 

Schothuis, T. (2015). Longitudinale casestudy naar het effect van het vergroten van synchrinie binnen een cliënt-begeleider relatie (2e begeleider).

 

van Ophoven, V.F.E. (2015). Het effect van het ervaren van veiligheid bij iemand met selectief mutisme, via synchronie en het maken van onderscheid (2e begeleider). LET OP GROOT BESTAND, DUURT EVEN VOOR HET ZICHTBAAR IS

 

van der Veld - ten Holte, D. (2015, Bachelorscriptie). Het gebruik van kenmerken van co-regulatietheorie en SMART-principe in de formulering van behandeldoelen (2e begeleider).

 

Clappers, S. (2014). Het effect van het vergroten van synchronie op de cliënt-therapeut relatie (2e begeleider).

 

Leunissen, N.G.T. (2014). The relationship between teacher and student from an Emerging Body Language perspective (met dr. E. Denessen).

 

Kuipers, M. (2014). Longitudinale case studie naar ontwikkeling van sociale wederkerigheid vanuit een dynamisch systeemperspectief (2e begeleider).

 

Dikhoff, S. (2014). Case studie van cliënt-begeleider interactie. Ontstaan van een gezamenlijk bewegingstempo en het belang van de waarneming van de ander in de relatie (2e begeleider).

 

Verwoolde, E.A. (2014). Spelend leren aan elkaar, de kracht van de beurt. Het effect van begeleiding met Emerging Body Language in groepsverband op het ontwikkelen van de beurtwisseling (2e begeleider).

 

Radstaak, B. (2012). Fighting AN. A non-linear case-exploration of a client-therapist text message interaction.

 

Silva, E. (2011). Praatjes vullen geen gaatjes. Een vergelijking tussen het Competentiemodel en Emerging Body Language & de toepassingsmogelijkheden voor licht verstandelijk beperkte jeugdigen.

van Veen-Graafstal, S. (2011). A multiple case study of the effect on Emerging Body Language. A pioneering study of a promising treatment for children with below-average cognitive capacities and behavioral problems.

Bosma, A. (2011). Relationeel werken: Een theoretische vergelijking tussen methode Feuerstein en Emerging Body Language.

Adema, I. (2011). Het effect van Emerging Body Language op de verbale interactie tussen cliënt en begeleider.

Pol, J. van de (2011). Unfolding perspective. A theoretical and empirical study into the relationship of art and human development.

Rauh, L. (2011). Uitnodigen tot contact, Hoe doe je dat?

van der Leest, K. (2010). Ouders over EBL: Een onderzoek naar tevredenheid.

Jennekens, C. (2010). Maakt Emerging Body Language het onzichtbare zichtbaar? Een studie naar het waarnemen van interacties.

Marinussen, R. (2009). De perceptie van relatie en interactie bij twee gedragsinterventiemethoden ABA en EBL.

Koreman, F. (2008). Luctor et emergo... Theoretisch onderzoek over Applied Behavior Analysis en Emerging Body Language.

Smulders, W.  (2004). Emerging Body Language bij kinderen met een verstandelijke beperking en gedragsproblemen. Pilotstudie naar de effectiviteit van de behandelmethodiek Emerging Body Language.

Gillissen, A. (2004). Emerging Body Language bij jongeren met een motorische beperking. Pilotstudie naar het effect van de behandelmethode Emerging Body Language.

Dyslexie

Damman, D. (2013). De mindset van kinderen met en zonder dyslexie (2e begeleider).

Barends, E. (2012). Executief functioneren bij kinderen met en zonder dyslexie.

Weenk, L. (2011). De aandachts concentratie test. Hulpmiddel bij de diagnostiek en behandeling van dyslexie?

Asselt, J. van (2011). Het verband tussen dyslexie en inhibitie.

Heezen, M. (2011). Geheugen en Dyslexi. De rol van het werkgeheugen en het langetermijngeheugen bij de lees- en spellingprestaties van kinderen met dyslexie

Wouw, L.C.J. van de (2011). Een andere kijk op dyslexie. Een vergelijking van kinderen met en zonder dyslexie op een aantal factoren die geacht worden een oorzakelijke relatie met dyslexie te hebben.

Greijn, L.T. (2011). Why dyslexia appears as it does: The view of interaction dominant dynamics on the cognitive deficit of dyslexia.

Kok, J. (2009). Dyslexie en aandachtsconcentratie. De relatie tussen aandachtsconcentratie en het werkgeheugen bij dyslectische kinderen.

Sande, Y. van de (2008). Disleksie. Het verschil in aandachtscapaciteiten van kinderen met en zonder dyslexie en de relatie met het lange termijngeheugen en de mate van automatisering.

Wullink, L. (2008). De relatie tussen dyslexie en aandacht & de invloed van het geheugen.

van Zwam, M. (2000). The interactive nature of spelling and sound.

Irausquin, R. (1992). Ontwikkelingsdyslexie bij cognitief normaal functionerende kinderen: een probleem van mentale instelling?

Lezen

Vink, R. (2011). Word naming and the effects of repetition and language on noise patterns.

Eskens, S. (2008). Leesonderwijs in het ZML. De effectiviteit van gestructureerd, decoderend leesonderwijs en de relatie met fonologisch en fonemisch bewustzijn en werkgeheugen bij kinderen met een lichte tot matige verstandelijke beperking.

Steunebrink, R. (2007). Beginnende geletterdheid bij kinderen met Cerebrale Parese (CP). De belangrijkste voorspellers van auditieve synthese bij kinderen met CP en kinderen zonder CP.

van den Brink, E. (2004). Lezen en spellen en inzicht in het alfabetisch principe.

Lanters, D. (2004). Lezen en spellen en inzicht in het alfabetisch principe.

Buster, M. (2004). De rol van familiefactoren bij het aanvankelijk lezen.

Engelbregt, S. (2003). Het effect van context in een leestraining bij allochtone leerlingen.

Zwart, S. (2003). Inzicht in het alfabetisch principe: de rol van letterklankkennis, fonemisch bewustzijn en
klankkenmerken.

Bilman, H. (2003). Leren lezen: De rol van school- en kindkenmerken.

Wouters, L. (2003). ABC in beeld. Een onderzoek naar de effectiviteit van een letter-klanktraining en een spellingtraining met de computer

Speelman, C. (2003). De rol van motivatie bij het leren lezen.

Schouten, B.G. (2001). De rol van semantiek bij het remediëren van leesproblemen bij kinderen in Groep 3. Een pilot-studie.

Rutjens, E. (2000). Onderzoek naar het pseudowoord-deficiet en het type leesfouten bij dyslectische kinderen.

Koenen, M. (1998). Kijk eens hoe ik lees! De overeenkomst in leesstrategie tussen slechtziende kinderen en normaalziende kinderen.

Ensink, H. (1997). Wetstreit, wedstreid of wedstrijd: Het spel tussen fonologie en orthografie

van Leerdam, M. (1995). Recognition of word-component letters is subject to whole-stimulus processing: A response-competition account of first-letter naming performance. Doctoraalscriptie Psychologie, Universiteit van Amsterdam.

Goutbeek, A. (1994). De rol van de fonologie bij de visuele woordherkenning. Doctoraalscriptie Psychologie, Katholieke Universiteit Nijmegen.

Lezen & Spellen

Stuurop, K. (2010). Kwaliteit van het lees- en spellingonderwijs. Hoe maken we lees- en spellingonderwijs succesvol?

Cordewener, K. (2009). Predicting progress in early literacy skills.

Smeulders, L. (2007). 'Zo leer je kinderen lezen en spellen' in groep 3 van het speciaal basisonderwijs.

Lankhorst, W. (2007). 'Zo leer je kinderen lezen en spellen' Een gestructureerde en preventieve methodiek voor lees- en  spellinginstructie van klankzuivere woorden is ook effectief voor kinderen met een lichte tot matige verstandelijke beperking.

Zijlmans, L. (2007). Fonologische leesvoorwaarden binnen het onderwijs voor zeer moeilijk lerende kinderen.

Evers, J. (2007). Methodiek 'Zo leer je kinderen lezen en spellen': effectiviteit in het speciaal basisonderwijs.

Roerink, I.J. (2001). "DE-OP-ZIJN-KOP-VAN-MACDONALD'S". Een onderzoek naar vroegtijdige predictie van lezen en spellen in Groep 3.

Spellen

de Haan, M. (2010). Spelling, ik heb het geweten! Meesterstuk Master SEN, Externe begeleiding. Deventer: Fontys.

Kemper, M. (2008). Implicit and explicit instruction of spelling rules.

Sap, M. (2007). Leenwoorden en woordbewustzijn. Wanneer realiseren kinderen in het basisonderwijs het verschil tussen inheemse en uitheemse woorden.

Paffen, R. (2006). Spellingbewustzijn: Weten wat je weet en weten wat je niet weet.

Schiffelers, I. (2002). De effectiviteit van de ‘Uitspreken-wat-er-staat’ spellingmethode.

Jansen-Donderwinkel, M. (2001). Klooweej of Chloë: spelling in vrije stelopdracht versus formeel dictee, een inventarisatie.

Weekers, A. (2001). De computer als spellingmedium: "Spellingchecker" versus "Visuele feedback".

Diepen, M. van (1999). Hoe spel jij gespelt? Werkwoordspelling door leerlingen van de basisschool en de middelbare school.

Willemen, M. (1998). Beter leren spellen tijdens het stellen. Kan dit? Een trainingsonderzoek ter verbetering van spellingvaardigheid in informele schrijfsituaties.

Voorzee, M. (1998). Spelling en de rol van context.

Bartelings, M. (1998). Learning to spell. An alternative situated view.

Harbers, W. (1998). Zijn spellingvaardigheden gesitueerd?

Ottevanger, K. (1997). De invloed van zelfgemaakte spelfouten in stelopdrachten op de spelprestaties van zwakke lezers/spellers.

Exterkate, W., & Rosink. A. (1997). Uitspreken wat er staat! Een goede spelling-instructie-methode?

Motoriek

Westelaken, N. van (2011). Op eigen benen kunnen staan! Studie naar de effectiviteit van het interventieprogramma 'Kleuters in beweging' op de motorische en sociaal-emotionele ontwikkeling van kleuters.

Klein Kiskamp, A.G.J. (2011). Kleuters in Beweging Studie naar de effecten van een preventief interventieprogramma op de motorische en sociaal-emotionele ontwikkeling van kleuters.

Maas, C. L. (2011). Beter kijken door spelen. Studie naar de effecten van een spel- en bewegingsinterventie op de motoriek en visuele vaardigheden van kleuters.

Groot, M.W.M. (2011).' Beter leren door spelen': de effectiviteit van het speel-leertraject bij kleuters gericht op
motorische, sociale en cognitieve vaardigheden

Straaten, I. (2008). Rekenprestaties: de invloed van motoriek en executieve functies.

Driessen. M. (2008). De invloed van motorische vaardigheden op leerprestaties.

Goselink, E. (2008). Het verband tussen motorische en cognitieve vaardigheden en de invloed van leerkrachtverwachtingen.

Leeuwen, E. van (2008). De relatie tussen motorische, cognitieve en schoolse vaardigheden.

Werkgeheugen

Hulleman, C.M. (2010). Leerproblemen gerelateerd aan specifieke geheugenproblemen? Een vergelijking van de geheugenprestaties van leerlingen van het regulier en speciaal basisonderwijs.

Vermeulen, M. (2007). Hebben kinderen met een leer- of taalachterstand ook een geheugenachterstand?

Velner, S. (2006). Het werkgeheugen van Nederlandse dyslectische kinderen en de relatie met leesniveau, lange duurgeheugen en intelligentie.

Schukkink, T. (2005). Geheugenproblemen en dyslexie. De relatie tussen het korte en lange duur geheugen en de lees- en spellingontwikkeling van Nederlandse kinderen met dyslexie.

IJntema-de Kok, M. (2004). Kinderen met leesproblemen. Is er een relatie met geheugen? Tekorten in de capaciteit van de centrale verwerking en de fonologische lus versterken elkaar.

Hoogsensitiviteit

Vloedgraven, L. (2010). Hoogsensitiviteit bij kinderen in het speciaal (basis)onderwijs.

Gortemaker, G. (2009). Hoogsensitiviteit bij kinderen in het speciaal (basis)onderwijs.

Walda, S. (2007). Hoogsensitiviteit bij kinderen in het basisonderwijs.

Kion-project

Rosenberg, K. (2007). Vertrouwen tussen ouders en leerkrachten. Een onderscheid in vijf facetten.

Blom, E. (2007). Woordenschatontwikkeling. Na deelname aan het Nijmeegs Taalstimuleringsprogramma 'Horen zien.... en zeggen'.

Ketelaars, L. (2005). De gevolgen van een taalprobleem voor probleemgedrag.

Steen, J. van der (2005). Laat ze maar kletsen. Interactieve taalstimulering binnen het Nijmeegs Taalstimuleringsprogramma.

Janssen, M. (2004). Taalontwikkeling en taalstimulering. Een onderzoek naar het effect van taalstimulering bij Nederlandstalige en tweetalige kinderen.

Stellaard, R. (2002). Ontwikkeling en beoordeling van scoringswijze en categorieën voor het in beeld brengen van de leidster-peuter interactie.

Touw, A. van der (2001). Onderzoek naar de aard van de leidster-peuter interactie in allochtone taalgroepjes op Intensieve Peuterspeelzalen.

Diverse onderwerpen

Crielaard, S.V. (2014). Insight inside out: A comparison between the phenomenon and the experiments designed to study it.

Ansems, J. (2010). Effect van een specifieke taal- en luistertraining op de fonologische verwerkingsvaardigheid en de taalvaardigheid van allochtone en autochtone kleuters

van Knippenberg, E. (2010). Werken met versjes in de klas. Een exploratief onderzoek naar de mogelijkheden van een taal- en luistertraining.


Kessel, M. van (2009). Ecce homo. Theoretisch onderzoek naar de combinatie Hoogbegaafdheid en Autisme.

Dielissen, K. (2009). 'De meester met de bal' en 'Zo leer je kinderen lezen en spellen'. Een individuele toepassing gericht op het verbeteren van de vaardigheden rekenen, spellen en lezen (Bachelorscriptie).

Geurds, S. (2009). De bijdrage van Holistic Pulsing aan de vermindering van het spanningsniveau en probleemgedrag van volwassenen met een (zeer) ernstige verstandelijke beperking.

Haan, V. de (2009). Overeenkomsten en verschillen in de kwaliteitsbeleving van het cluster 4 onderwijs.

Klein, A. (2006). An indirect measure of association in spider-anxious children.

Leenders, M. (2001). De ziekenhuisschool en het WSNS-beleid. Hoe ervaren kinderen de nieuwe onderwijsverandering?